Rasstandaard

FCI rasstandaard nr. 230 / 02.04.2004 / GB

Do-Khyi

(Tibetaanse Mastiff)

LAND VAN OORSPRONG : Tibet.

PATRONAGE : FCI.

DATUM VAN PUBLICATIE VAN DE ORIGINELE GELDIGE STANDAARD : 24.03.2004.

GEBRUIK : gezelschaps- en waakhond.

F.C.I. CLASSIFICATIES : Groep 2 Pinchers en Schnauzers, Mollosser rassen, Zwitserse Sennehonden en veedrijvers en andere rassen.
Sectie 2.2 Mollosser rassen, berghond.Geen werk of trial.

KORTE HISTORISCHE INFORMATIE :
De Tibetaanse Mastiff (Do-Khyi) is een oud gebruikshondenras van de Nomaden uit de Himalaya en een traditionele waakhond van de Tibetaanse kloosters. Het ras is omgeven door mythes sinds de ontdekking in de oudheid. Sinds het ras genoemd werd door Aristoteles (384-322 voor Christus) en de beroemde verhalen van Marco Polo,die naar Azië ging in 1271, prijzen alle historische geschriften de natuurlijke kracht en indrukwekkendheid van de Tibetaanse Mastiff- zowel lichamelijk als geestelijk. Zelfs het blaffen werd beschreven als zeer uniek en echt typerend voor het ras. Bekende Europese kynologen uit hun tijd, zoals Martin en Youatt, Megnin, Beckmann, Siber, en ook Strebel en Bylandt hebben uitvoerig geschreven over de Tibetaanse Mastiff, omdat zij gefascineerd waren door de afkomst en plaats in de Tibetaanse cultuur. Sommigen zagen het ras zelfs als de stamvader van alle grote berghonden en mastiff-achtigen. De Tibetaanse Mastiff die, voor zover bekend, als eerste voet op Westerse bodem zette was een reu die gestuurd was naar Koningin Victoria door Lord Hardinge (toenmalig ambassadeur van India) in 1847. Later in de jaren 1880 naam Edward de VII (toenmalige prins van Wales) twee honden mee naar Engeland. Een van de eerste Tibetaanse Mastiffs pups werden in 1898 geboren in de dierentuin van Berlijn.

ALGEMENE VERSCHIJNING : krachtig, zwaar en goed gebouwd, met goede bone. Indrukwekkend; een statige en vertrouwenwekkende verschijning. Bezit kracht, robuustheid en uithoudingsvermogen; in staat te werken in alle klimaatsomstandigheden. Laat volwassen, op zijn best bij 2-3 jaar bij teven en op zijn minst 4 jaar bij reuen.

BELANGRIJKE PROPORTIES : De schedel gemeten van occiput tot stop en tot de punt van de neus zijn gelijk, maar de neus mag een beetje korter zijn. Lichaam iets langer dan de schofthoogte.

GEDRAG / KARAKTER : Onafhankelijk. Beschermend. Dwingt respect af. Erg territorium gevoelig voor familie en het eigen terrein

HOOFD : breed, zwaar en krachtig. Bij volwassen exemplaren een rimpel toegestaan van boven de ogen tot de mondhoek.

SCHEDEL REGIO :
Schedel : groot, wat ovaal rond, met duidelijke occiput.
Stop : duidelijke stop.

HOOFD REGIO :
Neus : breed, zo donker mogelijk rekeninghoudend met de vachtkleur, goede open neusgaten.
Snuit : Tamelijk brede, goed opgevuld en diepliggend. Eind van de snuit vierkant.
Lippen : goed ontwikkeld en de onderkaak bedekkend.
Kaken/Tanden : Sterke kaken met perfect regelmatig en compleet schaargebit. boventanden die precies over de ondertanden vallen en op gelijke hoogte t.o.v. de kaken zijn geplaatst. Tanggebit is geaccepteerd. Gebit sluit strak.
Ogen : middelgroot, elke kleur bruin passend bij de kleur van de vacht, hoe donkerder hoe beter.
Goed uit elkaar geplaatst, ovaal en licht schuin. Oogleden goedaansluitend. Waardige expressie.
Oren : middelgroot, driehoekig, hangend, aanzet ter hoogte van de schedel en de ogen, naar voren hangend en dicht op het hoofd, naar voren gericht indien waakzaam. Oor bedekt met zacht, kort haar.

NEK : sterk, goed gespierd, gebogen. Niet te veel huidplooien. Bedekt met dikke opstaande manen, minder duidelijk aanwezig bij teven.

LICHAAM : krachtig.
Rug : recht en gespierd.
Kroep : breed en tamelijk plat.
Borstkast : Tamelijk diepe, middelmatig brede borst, ruim gevormde ribben om een hartvormige ribbenkast te vormen. Borstbeen reikt tot onder de ellebogen.

STAART : medium lengte. Hoog aangezet in verlengde van de rug, hoog gedragen, losjes gekruld over de rug, als de hond alert of in beweging is, goed behaard.

LEDEMATEN

VOORHAND : recht, goed gehoekt, geheel en goed bedekt met stevig haar.
Schouders: goed gevormd, gespierd.
Ellebogen : niet naar binnen of naar buiten gericht.
Voorpoten : recht. Goed gespierd.
Pols: sterk, licht gebogen.

ACHTERHAND : krachtig, gespierd, goede gehoekt. Benen van achter gezien parallel.
Bovendij : Tamelijk lang, sterk, goede krachtige spieren, maar niet uitpuilend.
Knie : goed gebogen.
Spronggewricht : sterk, laag aangezet.
Wolfsklauw : optioneel.

VOETEN : behoorlijk groot, sterk, rond en compact, met goede beharing tussen goed  gebogen tenen.

GANGWERK, BEWEGING : krachtig, maar altijd lichtvoetig en elastisch: Ruim uitgrijpend en stuwend gangwerk. Neiging enkelsporig te gaan als de snelheid toeneemt. In gang langzame en zeer bedachtzame indruk gevend.

VACHT

HAAR : kwaliteit is belangrijker dan kwantiteit. Vacht hard, dik, vacht bovenop niet te lang, dicht en zware ondervacht bij koud weer dunner in de zomer. Reuen hebben aanmerkelijk meer vacht dan teven.  Fijn maar stevig haar, recht en afstaand. Nooit zijdeachtig, gekruld of gegolfd. Een dikke vacht op nek en schouders die de indruk van manen geeft. Staart ziet eruit als pluim, goed behaard, broek goed behaard.
KLEUR : diep zwart, met of zonder tan markeringen, blue (donker grijs), met of zonder tan markeringen, verschillende schakeringen van goudkleur, reebruin tot rood, sable (goudkleur met zwarte haren er door). Alle kleuren zo puur mogelijk. Tan variërend van kastanjebruin tot een lichtere kleur. Witte vlek op de borst toegestaan. Minimale witte markeringen op de voet acceptabel. Tan markering boven de ogen, op het onderste deel van de benen en aan de onderkant van de staart. Tan markeringen rondom de snuit; tan rondom de ogen toegestaan.

AFMETING :
Gemeten tot bovenop de schouders : Reuen     66 cm (26 inch) minimaal
Teven      61 cm (24 inch) minimaal

DISKWALIFICERENDE FOUTEN :
Agressieve of te schuwe, schichtige honden.
Onder of over bijt.
Alle andere dan de hierboven genoemde kleuren, inclusief wit, crème, licht grijs, bruin (leverkleur),
lila, wildkleur, meerkleurig.Iedere hond die duidelijk zichtbare lichamelijke of gedragsafwijkingen vertoont dient te worden gediskwalificeerd.

N.B. : reuen moeten twee duidelijk normale testikels hebben, volledig in het scrotum ingedaald.